Posts Tagged 'genitief'

De partitieve genitief in andere talen

De vorige post ging over de partitieve genitief en het beperkte gebruik ervan in het Nederlands. Om aan te tonen dat die genitief vroeger in het Nederlands een veel belangrijkere rol heeft gespeeld, haal ik een paar voorbeelden aan uit andere talen, met name het Russisch en het Fins. Beide talen hebben een uitgebreid flexiesysteem, wat zich uit in respectievelijk zes en een vijftiental naamvallen. (Hoeveel naamvallen het Fins heeft is een betwist onderwerp in de taalkunde.)

• Russisch

Net als in het Nederlands wordt de partitieve betekenis (deel van een geheel) uitgedrukt met de genitief. Analoog met het Nederlands gebruikt ook het Russisch een partitieve genitief na bijvoorbeeld het woord ‘iets’: iets moois – что-нибудь красивого – čto-nibuď krasivogo (de uitgang -ogo wijst op een genitief).
Daartoe beperkt het zich niet, na maataanduiders volgt ook een genitief: een glas [van] melk – стакан молока – stakan moloka (hier is de uitgang -a die van de genitief), een liter [van] water – литр воды – litr vody (-y = genitief).
Ook na telwoorden volgt een partitieve genitief, soms zelfs in het enkelvoud: twee kat[ten] – два кота – dva kota (-a = genitief, het woord voor ‘kat’ staat in het enkelvoud), vijf katten – пять котов – pjať kotov (-ov = genitief meervoud, vanaf het telwoord 5 staan woorden wel in het meervoud). Dit verschijnsel – een enkelvoud na een telwoord – is niet typisch Russisch, andere (Slavische) talen hebben gelijkaardige principes.

Hieronder zal ik aantonen dat het Fins – géén Slavische taal – daar nog extremer in is.

• Fins

In het Fins wordt pas echt duidelijk wat voor een belangrijke betekenis de partitieve genitief in onze talen uitdrukt. Zij hebben er namelijk een heel eigen naamval voor: de partitief.
Net als het Nederlands en het Russisch wordt die in net dezelfde gevallen – behalve na woorden als “iets” – gebruikt: een glas melk – lasi maitoa (-a = partitief); een liter water – litra vettä (-ttä = partitief); twee kat[ten] – kaksi kissaa (-a = partitief enkelvoud); vijf kat[ten] – viisi kissaa (-a = partitief enkelvoud).
Het Fins is extremer dan het Russisch in die zin dat er na telwoorden áltijd een enkelvoud volgt. Over hoeveel miljoenen katten je het ook mag hebben, dat woord blijft in het enkelvoud staan.
Daarnaast heeft de partitief nog een heel interessant gebruik. In tegenstelling tot andere talen met naamvallen (Duits, Russisch, Latijn, noem maar op) heeft het Fins geen specifieke naamval voor het lijdend voorwerp (in de voorgenoemde talen de accusatief). Onder andere de partitief neemt die functie over als het gaat om een handeling die nog niet beëindigd werd of nog bezig is. Hierin is duidelijk de invloed van de oorspronkelijke partitieve betekenis terug te vinden, het gaat namelijk niet over een hele handeling. Slechts een deel van de handeling wordt beklemtoond. De antagonist daarvan is de genitief. Een lijdend voorwerp in de genitief drukt uit dat de handeling voltooid wordt/werd. Zo kan er een subtiel betekenisverschil gemaakt worden aan de hand van de naamval voor het lijdend voorwerp:
Lijdend voorwerp is genitief: Luen lehden – Ik lees de krant [en ik ga hem ook uitlezen].
Lijdend voorwerp is partitief: Luen lehteä – Ik lees de krant [maar ik ben niet van plan hem helemaal uit te lezen].

Vanuit taalkundig perspectief was deze post ingewikkelder dan de vorige. Ik had graag reactie gehad over hoe zoiets in de smaak valt.

Bedankt!

°

Advertenties

De partitieve genitief

Eerst en vooral wil ik me verontschuldigen voor de maandenlange stilte. Er is intussen al heel wat in mijn leven veranderd. Vanaf september ben ik leerkracht Duits in mijn oude humaniora (Mater Dei-Instituut Woluwe). Per week zal ik er twaalf uur geven in het derde, vierde en vijfde jaar (zowel ASO en TSO). Gecombineerd met de postgraduaatsopleiding (Conferentietolk Duits/Engels) die ik ga volgen, lijkt het mij een zwaar jaar te gaan worden. Nog relatief jong zijnde – jaja, er heeft vorige maand ook nog een verjaardag plaatsgevonden – ben ik ervan overtuigd dat ik de uitdaging aankan.

Momenteel schrijf ik trouwens naarstig aan mijn thesis, die ik eigenlijk ‘meesterproef’ zou moeten noemen. Voor de nieuwsgierigen onder jullie: de voorlopige titel luidt “Cerebrale organisatie versus didactiek van het tolken”. Of, een poging tot hervorming van de tolkdidactiek vanuit – voornamelijk – neurolinguïstisch standpunt. Met andere woorden: hoe de hersenen in mekaar zitten en hoe alle talige processen cerebraal georganiseerd worden. Het is best vermoeiend om me in die nieuwe materie te verdiepen, ik heb immers geen neurolinguïstische achtergrond. Niettemin is het uiterst boeiend allemaal, ware het niet dat die wetenschap nog in zijn kinderschoenen staat en er bij elk hoofdstuk met tig onbewezen hypotheses naar je hoofd gezwierd wordt.

Maar, ik dwaal af! Deze post is dus een vervolg op de genitiefpost van 21 maart, mocht je die nog niet gelezen hebben, doe dat dan eerst. Ik ga er namelijk naar terugverwijzen.

Deze genitief, de partitieve, doet wat zijn naam ook impliceert: hij duidt een deel van een geheel aan.

Een mijner tantes.

Deze zin is een voorbeeld van een oude partitieve genitief *wijst naar genitiefuitgang van het bezittelijk voornaamwoord ‘mijn’*. Dit soort taalgebruik is verouderd en formeel.

Soms komt het echter wel eens voor in het normalere taalgebruik, maar dat zijn dan zogenaamde ‘vaste verbindingen’:

Een dezer dagen.

*wijst opnieuw naar genitiefuitgang*

Naast deze oubollige molochen, waarbij de genitief makkelijk door het voorzetsel ‘van’ omschreven kan worden, komt de partitieve genitief weliswaar in het dagdagelijkse taalgebruik vaak en onvermijdelijk voor (ook al “vergeten” velen hem te gebruiken).

Een combinatie van iets, niets, velerlei, allerlei, wat, veel, weinig, meer, minder, genoeg, voldoende, of wat voor met een adjectief (aka bijvoeglijk naamwoord) vereist een genitief-s.

Hij heeft iets kleins gekocht.

Dat is niets ergs.

Bij het ontbijt heb ik wat zoets gegeten.

Wat voor boeiends is er straks op tv?

Nu is het moment dan ook aangebroken om terug te verwijzen naar de vorige post waarin ik het uitvoerig heb over de genitiefuitgang en hoe die eruit ziet.

Let wel op, hier wordt de genitief-s niet zomaar vervangen door een apostrof. Eindigt het adjectief op een sisklank (voorbeelden zijn ‘grijs’ en ‘theoretisch’) dan verandert er niets aan het woord.

Morgen trek ik iets grijs aan.

Wij vonden die les weinig theoretisch.

Volgens de ANS is het dan beter om de partitieve genitief te omzeilen:

Morgen trek ik iets dat grijs is aan.

Wij vonden de les niet echt theoretisch.

Daarvan ben ik geen voorstander, ook al hoor je de genitief-s niet, het blijft duidelijk dat het om een genitief gaat.

Ten slotte zou ik willen waarschuwen voor hypercorrectie. Dat is een fenomeen waarbij een persoon té zeer zijn best wilt doen om geen fouten te maken en dus fouten maakt door juiste dingen te veranderen. ‘Iets’ heeft nog andere functies waarbij het geen genitief-s uitlokt, met name in combinatie met een vergrotende trap:

Ik had mij de zomer toch iets warmer voorgesteld.

Zou je niet liever iets gespierder zijn?

In deze zinnen heeft ‘iets’ de betekenis van ‘een beetje’, ‘een tikkeltje’ en is het graadaanduidend bijwoord.

Liefs,

°

PS: Net als bij de vorige post diende als bron de ANS.

De bezitsgenitief

Vroeger had het Nederlands, net als het Duits nu nog, naamvallen. De enige overgebleven en productieve naamval is de genitief. Productiviteit betekent dat een bepaalde uitgang of afleiding nog altijd probleemloos toegepast kan worden op zowel oude, nieuwe als uitgevonden of onbestaande woorden. De werkwoordsuitgang voor de derde persoon enkelvoud -t is bijvoorbeeld productief, zowel voor oude als voor nieuwe of uitgevonden/onbestaande werkwoorden wordt de derde persoon enkelvoud steeds met een -t gevormd op het eind.

De genitief wordt in het Nederlands enkel gebruikt om bezit aan te duiden bij eigennamen en als partitieve genitief. (Meer over de partitieve genitief volgt in de volgende post.)

De genitiefuitgang is een -s. Beïnvloed door het Engels neigen veel mensen ertoe om voor die -s een apostrof te zetten. In het Engels mag dat altijd, in het Nederlands niet.

§ Als de voorafgaande klank niet verandert door er een -s aan toe te voegen (door de lettergreep te sluiten met andere woorden), dan wordt er geen apostrof gebruikt:

Jans fiets. (Eindigt het woord op een medeklinker, dan wordt er geen apostrof gebruikt. Zie verderop voor woorden die al op een s of een s-klank eindigen.)

Andrés boeken. (Omdat er op de é een accent staat, kan die niet verkeerd uitgesproken worden. De s wordt gewoon aan de é geplakt.)

Geertruis computer. (Combinaties als eu, oe, ui, ie, aa, ee, uu, oo, ij, ei, eau, au, ou, … behouden hun uitspraak wanneer er een -s aan gehangen wordt.)

Marie Jeannes foto’s. (Jeanne eindigt op de zogenaamde sjwa, de klank in de of Elke behoudt ook zijn klankwaarde in een gesloten lettergreep.)

Belgiës beste pannenkoekenbakker.

§ Verandert de klank wél doordat de lettergreep gesloten wordt, dan wordt er een apostrof gebruikt:

Lisa’s moestuin. (De open a zou een doffe a worden.)

Elmo’s vuilbak.

Manu’s peuk.

Kelly’s verjaardag.

§ Eindigt het woord al op een s-klank, dan wordt er enkel een apostrof gezet en valt de genitief-s weg:

Fons’ balpen.

Bush’ ondergang. (Deze regel geldt ook voor sisklanken, zoals hier in Bush.)

Bangladesh’ regering.

Opgelet!

Marx’ communisme. (Hier hoor je een s-klank, dus enkel apostrof.)

Dutrouxs ontvoeringen. (In Dutroux hoor je géén s-klank, dus wordt de genitief-s gewoon aan het woord geplakt.)

Deprezs cursus. (Géén s-klank.)

Dumas’ werken. (Hier hoor je geen s-klank, maar toch wordt er enkel een apostrof geschreven. Dat komt omdat we in het Nederlands nooit twee dezelfde medeklinkers op het eind van een woord schrijven.)

France’ schort. (De e wordt in dit woord niet uitgesproken, volgens de uitspraak eindigt het als het ware op een s-klank, daarom staat er ook een apostrof. Als de -s zonder apostrof aan het woord geschreven zou worden, dan zou de sjwa uitgesproken worden.)

Leuk om weten is dat het Nederlands, in vergelijking met de andere grote Germaanse talen, de eerste taal is waarin de genitief aan het verdwijnen is. Het Engels en de Scandinavische talen bijvoorbeeld, waarin er ook geen naamvallen meer zijn behalve de genitief, gebruiken hun genitief-s veel productiever. Daar is het mogelijk om van elk woord een genitief te maken: *de kats poten, *de fiets’ bel. In het Duits zijn de naamvallen ook stilletjesaan aan het uitsterven. In vergelijking met de andere Germaanse talen is het te verwachten dat uiteindelijk de genitief ook daar als enige zal overblijven.

Liefs

°

PS: Als bronnen werden hier de ANS en Handboek Spelling door Johan De Schryver en Anneke Neijt gebruikt.